Een dakkapel isoleren doe je door de wanden, het dak en de vloer van de dakkapel te voorzien van voldoende isolatiemateriaal, zodat je warmteverlies en vochtproblemen voorkomt. Veel dakkapellen zijn standaard matig geïsoleerd, zeker bij oudere woningen. Goed isoleren zorgt voor een comfortabeler vertrek en lagere stookkosten.
Welke delen van de dakkapel moet je isoleren?
Een dakkapel bestaat uit drie vlakken die je allemaal moet aanpakken: het dak (bovenkant), de zijwanden en de vloer. Vergeet je één van deze vlakken, dan blijft de warmte via dat punt ontsnappen. In de praktijk is het platte dak van een dakkapel vaak de grootste uitdaging, omdat je hier rekening moet houden met de opbouw van de constructie en de damprem.
- Plat dak: isoleer bij voorkeur aan de buitenkant (bovenop), want dan blijft de houten constructie op de warme kant. Dat vermindert de kans op condensatie in het hout.
- Zijwanden: die kun je aan de binnenkant isoleren met bijvoorbeeld glaswol of steenwol tussen de stijlen, gevolgd door een damprem en afwerking.
- Vloer: vaak vergeten, maar de vloer van de dakkapel grenst aan de buitenlucht of aan een koude ruimte. Isoleer ook hier tussen de balklagen.
Kies het juiste isolatiemateriaal
Voor het isoleren van een dakkapel werkt glaswol of steenwol goed. Beide materialen zijn dampdoorlatend (dampopen), wat betekent dat vocht makkelijker kan ontsnappen. Dat is bij dakconstructies belangrijk, omdat ophoping van vocht in de constructie tot houtrot kan leiden. Spouwmuren van polystyreen (piepschuim) of PUR-schuim zijn minder dampopen en vragen extra aandacht voor de detaillering.
Gebruik bij een binnenafwerking altijd een damprem aan de warme kant (binnenkant) van de isolatie. Dat is een folie die voorkomt dat warme vochtige lucht uit de woonruimte de isolatielaag in trekt. Zorg dat de damprem goed wordt afgetaped bij naden en aansluitingen, want een klein lek heeft al grote gevolgen voor de vochthuishouding.
De constructie doorrekenen met Ubakus
Voordat je begint met isoleren, is het slim om de constructie te controleren op condensatierisico’s. Dat doe je met een gratis online tool zoals Ubakus.nl. Je voert de opbouw van je wand of dakconstructie in, laag voor laag, en de tool berekent of er risico is op condensatie in de constructie (ook wel interstitiële condensatie genoemd). Dit is zeker relevant bij het isoleren van een plat dak van een dakkapel, omdat fouten hier snel leiden tot vochtschade.
Werk je met een dakkapel met een plat dak? Dan is de vuistregel dat minimaal twee derde van de totale isolatiewaarde aan de buitenkant (bovenkant) van de constructie zit. Zo blijft de houten dakplaat op de warme kant en loop je minder risico op vochtproblemen.
Dakkapel isoleren: stap voor stap
- Breng de constructie in kaart. Meet de dikte van de stijlen, balken en eventuele bestaande isolatie op.
- Voer de constructie in Ubakus in. Controleer of je gekozen opbouw vrij is van condensatierisico.
- Verwijder de oude afwerking als je binnenvan isoleert, zodat je bij de ruimte tussen de stijlen kunt.
- Vul de ruimte volledig op met glaswol of steenwol, zonder kieren of gaten. Kieren zijn warmtebrug nummer één.
- Breng de damprem aan aan de warme kant, tape alle naden zorgvuldig af.
- Werk af met gipsplaat of multiplex en zorg dat je installaties (leidingen, stopcontacten) goed worden afgedicht in de damprem.
Veelgemaakte fouten bij het isoleren van een dakkapel
De meest voorkomende fout is het weglaten of slecht aanbrengen van de damprem. Kleine gaatjes voor schroeven of stopcontacten zijn al genoeg om over een jaar vochtschade te krijgen. Een tweede veelgemaakte fout is het niet isoleren van de aansluitingen: de plek waar de dakkapel op het schuin dak aansluit is een kwetsbare plek. Isoleer ook die overgang goed, anders creëer je een koudebrugeffect.
Let ook op de kierdichting van de ramen. Nieuwe kozijnen met HR++-glas presteren veel beter dan oudere enkelvoudige beglazing. Als de kozijnen lek zijn, helpt de beste isolatie maar half.
Hoeveel isolatie heb je nodig?
Voor de wanden en het dak van een dakkapel geldt als richtlijn een Rc-waarde van minimaal 3,5 m²K/W (het huidige Bouwbesluit voor nieuwbouw schrijft voor daken 6,0 en voor gevels 4,7 voor, maar bij renovatie zijn lagere waarden vaak nog acceptabel). Glaswol van 10 centimeter dik heeft een Rc-waarde van ongeveer 2,5 tot 3,0, afhankelijk van het product. Voor een goede dakkapelrenovatie wil je idealiter 12 tot 14 centimeter dikke isolatie aanbrengen als de ruimte het toelaat.
Een dakkapel goed isoleren kost tijd en nauwkeurigheid, maar de winst is direct merkbaar: minder tocht, minder temperatuurverschil en een droge constructie die lang meegaat. De details zoals de damprem, de aansluitingen en kierdichting bepalen uiteindelijk of je isolatiewerk ook op de lange termijn zijn werk doet.
